Op Marktplaats-avontuur in Arnhem-Zuid

Woensdagochtend, harde wind tegen, en ik fiets de Pleybrug op richting Arnhem-Zuid. Een pittige tocht, normaal zou ik met de auto gaan, maar ik had een plan.

Een Marktplaats-afspraak. Op zoek naar een grotere fiets, waar ik weer een paar jaar mee vooruit kan. En deze fiets in Arnhem-Zuid lijkt een buitenkansje. Een Gazelle, juiste maat, nieuwe banden, nieuwe kabels. Helemaal winterklaar.

De verkoper heet Hans. Er ontstond een droombeeld in mijn hoofd: Hans, gepensioneerd fietsenmaker, klust voor de hobby aan fietsen in zijn schuurtje, hoeft echt de hoofdprijs niet, als ‘ie maar ‘lekker bezig blijft’.

Een mooi beeld ja, maar toch rijd ik met een gemengd gevoel naar de wijk achter de Blue Band bajes, Immerloo / Malburgen, een wijk die bekend staat als een van de moeilijkste wijken van Arnhem Nederland.

De oude fiets

Zwoegend op mijn oude fiets, ook via Marktplaats gekocht. In Wageningen. Het contact met de verkoper was moeizaam. Hij sprak gebrekkig Nederlands, en de man wilde die dag graag in het centrum afspreken, niet thuis. Twee rode vlaggen voor een betrouwbare deal, maar mijn nieuwsgierigheid won.

Terecht, want het was een prima fiets, van een internationale student die op dat moment de hele dag in de bibliotheek aan het werk was.

Maar de laatste tijd zat ik niet meer lekker op mijn fiets. Dat had niet alleen ik opgemerkt, omstanders ook. Ik had gespeeld met de hoogte van het zadel, de stand van het stuur, maar ik kon de goede houding niet meer vinden. Ik kwam nog vooruit, maar niet meer esthetisch.

Ik besloot: het frame van de fiets was te klein voor mij. Ik verlangde terug naar de fiets die ik ooit had met een dusdanig groot frame dat er een extra dwarsbalk nodig was. De fiets die in mijn kring bekend kwam te staan als Het Reuzenrad.

Dus ik ben weer op zoek naar een nieuwe stadsfiets, geen e-bike, want ook nu, in het sportieve dieptepunt van mijn leven, heb ik elk geval nog een paar wekelijkse woon-werk-ritjes die me in beweging houden. Met een e-bike verstoor ik het precaire evenwicht tussen beweging en mijn Bourgondische levensstijl en dat is een offer dat ik niet wil brengen.

Dus ik zwoeg door, als één der laatste fietsmohikanen, ook al haalde ik vroeger iedereen in op de Westervoortse Brug, en nu alleen nog de automobilisten.

Te mooi om waar te zijn

En nu zwoegend op de Pleybrug.

Mijn vader stond ooit met een kapotte auto midden op de Pley, boven de Rijn. Geen fijne plek voor pech. Met een praatpaal werd de ANWB gebeld. Toen hij zei, ik sta op de Pleybrug in Arnhem, kenden ze die brug niet. Moest ‘ie helemaal naar het begin van de brug lopen om de officiële naam te vinden. De Andrey Sacharovbrug. Nu ik het opschrijf, is het verhaal eigenlijk iets te mooi om waar te zijn, maar sommige verhalen moet je niet kapotchecken.

Ik fiets daarna langs gigantische flats, supermarkten waar ik nog nooit van gehoord heb, en een doolhof van rijtjeshuizen. Ik parkeer de fiets in een nette voortuin, en druk op de bel. Tegelijkertijd stopt er bij het huis een auto. Een vrouw met koffertje stapt uit. Ze lacht vriendelijk naar me, passeert me richting de voordeur, trekt aan een touwtje uit de brievenbus en loopt naar binnen. De deur laat ze open staan.

Ik roep naar binnen: “Hallo, hallo, er is nog iemand.”

Hans komt me tegemoet. “Ah, jij komt voor de fiets, loop maar mee achterom. En misschien moet je je eigen fiets ook even achter zetten.”

“Wordt ‘ie anders gejat hier?”, vraag ik.

”Ja, dat zou kunnen, want hier om de hoek zit een” … ik was even bang dat hij AZC ging zeggen …zorginstelling.”

De nieuwe fiets

”Dit is ‘m. Geloof mij maar, dit is een pareltje voor deze prijs”, zei Hans. De fiets ziet er inderdaad goed uit. “Ik heb alles vervangen. De kabels, remmen, kettingkast, verlichting, jassenbeschermer, banden.”

”Mag ik even een rondje?”, vraag ik.

”Ja, natuurlijk. Zal ik het zadel nog iets verhogen?”, en Hans verdwijnt al in zijn schuur.

“Verkoop je vaker fietsen, Hans?”, vraag ik.

”Jazeker, regelmatig. Dan koop ik een oudje en die knap ik helemaal op. Ik ben fietsenmaker geweest. Maar nu lekker met pensioen, dus het is gewoon een beetje bijklussen voor de hobby. Dat vind ik leuk. Stilzitten is niets voor mij. En ik hoef ook echt de hoofdprijs niet hoor, als ik maar lekker bezig blijf.”

Soms is het te mooi om waar te zijn, soms is het gewoon waar.

“Ik ben de fietsenmaker van de buurt. De kinderen komen ook allemaal bij mij met een lekke band, en die plak ik dan even. Zijn die kinderen weer helemaal blij. Dat is toch mooi man.”